Het denken over staat en maatschappij in de Verlichting

De verlichting is misschien wel de belangrijkste gebeurtenis in de 18e eeuw. Er kwam steeds meer aandacht voor mensen die anders dachten dan de meeste mensen. Voorheen werden mensen die anders dachten meestal vervolgd door de machthebbers. In het tijdvak  van pruiken en revoluties werd dit gebruik langzaamaan omgedraaid. Er waren veel kritische denkers die een hekel hadden aan het absolutisme. Zij vonden dat de macht niet in handen mocht zijn van slechts één persoon. Want dit leidt meestal tot machtsmisbruik.

De ideeën van deze kritische denkers werden in cafés, koffiehuizen en salons verspreid. Vaak kwamen de filosofen daar met de bezoekers praten. Ook verschenen deze ideeën vaak in brieven, romans en toneelstukken. Het publiek groeide hierdoor. Er waren steeds meer mensen die deze ideeën overnamen.

Belangrijke filosofen uit de geschiedenis waren onder andere Jean-Jacques Rousseau, Voltaire en Montesquieu. Rousseau heeft meegewerkt aan een heel belangrijk project uit de verlichting. Hij stelde samen met andere 18e eeuwse Franse filosofen de eerste encyclopedie samen. Voor het eerst was er een naslagwerk waarin informatie te vinden was die niet door de kerk was opgeschreven. De Franse regering verbiedt de encyclopedie en laat hem in 1759 verbranden.

De filosofen in dit tijdvak hoopten dat zij met deze encyclopedie mensen kon laten nadenken. Ze wilden dat iedereen de rede ging gebruiken. De rede is een ander woord voor logisch denken. De kerk en de regering had de macht omdat ze het volk dom hielden. Ze vertelden bijvoorbeeld dat zij door God gekozen waren om te regeren. Filosofen als Voltaire wezen dit aan als onzin. Hij, en de andere grote filosofen van zijn tijd geloofden dat de mens veel problemen zou kunnen oplossen door zijn verstand te gebruiken. Door goed na te denken zou je oorlog, ziekte en machtsmisbruik kunnen begrijpen en voorkomen of bestrijden.

Ook geloofden ze dat alle mensen gelijk en vrij waren. Ze vonden dat je een mens niet mocht beoordelen op geslacht, afkomst of huidskleur. Dit klinkt heel logisch, maar vóór de verlichting was er nog niemand geweest die deze gedachten hardop had durven uit te spreken. In de geschiedenis werd het uiten van je mening vaak bestraft. Sommige filosofen, waaronder Voltaire, kwamen meerdere malen in de gevangenis terecht omdat zij deze ideeën verspreidden.

De ideeën van de filosofen bereikten ook Nederland. Ook in Nederland had men last van het absolutisme. De stadhouders hadden de absolute macht en misbruikten dit. Ook waren er veel mensen die vonden dat er meer gelijkheid moest zijn. Ze vonden dat joden, protestanten en katholieken allemaal dezelfde rechten moesten hebben. Ook wilden ze meer vrijheid van meningsuiting. Vanaf 1781 kwamen deze mensen bij elkaar en noemden zichzelf de patriotten. Zij begonnen tijdschriften te drukken om de verlichtingsideeën door te geven. Stadhouder Willem V voelde zich hierdoor bedreigd. Dit werd alleen maar erger toen sommige patriotten ook wilden strijden voor hun vrijheid. In 1787 vochten zij om Utrecht en Amsterdam. De patriotten kregen Amsterdam in handen. Frankrijk schoot de patriotten te hulp en stadhouder Willem V vluchtte naar Engeland.

×

U kunt niet meer reageren.