De wetenschappelijke revolutie

In het tijdvak van de regenten en vorsten heerste een optimistische stemming. Ondanks het feit dat de nieuwe Nederlandse republiek bijna de hele gouden eeuw in oorlog was, werd er enorm veel geld verdiend en boekte men op veel gebieden enorme vooruitgang. De wereld veranderde. Iedereen merkte het. Mensen mochten in de Nederlandse republiek zelf nadenken. Dit was iets nieuws. Voorheen moest iedereen doen, denken en geloven wat de kerk zei. Maar de nieuwe religie, het Calvinisme, spoorde iedereen aan om zijn eigen mening te vormen.

Er gingen dus ook steeds meer kinderen naar school. Iedere stad had wel een school. Er waren nog geen aparte klaslokalen. Kinderen van verschillende leeftijden zaten samen in één klas. Er was echter nog geen leerplicht. Dus gingen de kinderen van arme gezinnen niet naar school. Dat was jammer. Want de kinderen die dit wel deden wisten bijna zeker dat zij later een hele goede baan zouden krijgen. Juist omdat er zo weinig mensen konden lezen en schrijven was er grote vraag naar dit soort mensen.

Nadat ze het gewone basisonderwijs hadden gevolgd konden de kinderen kiezen uit twee vervolgscholen. De ‘Franse school’ en de ‘Latijnse school’. Alleen de ‘Latijnse school’ was bestemd voor de elite. Hier leerde je Latijn, Grieks, filosofie, godsdienst en ‘welsprekendheid’. Als je deze Latijnse school had afgerond ging je naar de universiteit.

Willem van Oranje richtte de eerste Nederlandse universiteit op in 1575. Deze stond in Leiden. Christiaan Huygens was een van de belangrijkste studenten. Hij studeerde rechten en wiskunde. Uiteindelijk werd hij een heel belangrijk wis- natuur- en sterrenkundige van de Nederlandse geschiedenis. Ook was hij uitvinder. Hij bedacht een buskruitmotor. Maar die werd nooit gebouwd. Ook heeft hij het slingeruurwerk en het principe van de stoommachine uitgevonden.

Een andere, erg belangrijke man in de geschiedenis was Baruch Spinoza. Dit was een Joodse filosoof. Nederland was namelijk dankzij de Nederlandse godsdienstvrijheid een toevluchtsoord van iedereen die geen katholiek was. Zij werden namelijk elders in Europa vervolgd. De Joden mochten hun religie niet in het openbaar belijden, maar waren desondanks meer dan welkom in de tolerante Nederlandse republiek. De familie van Spinoza kwam oorspronkelijk uit Spanje. Spinoza werd in Amsterdam geboren en werd geschoold binnen de Joodse gemeenschap. Hij ging dus nooit naar de universiteit. Toch heeft hij vele belangrijke boeken geschreven. Hier verdiende hij niet veel mee. Zijn geld verdiende hij met het slijpen van lenzen. In zijn boeken geeft hij een ander beeld van God dan de mensen dit het tijdvak gewend waren. Daarom werd hij ook uit de Joodse gemeenschap verbannen.

Nederland had in de 17e eeuw enorm veel belangrijke wetenschappers en uitvinders in huis. Naast Christiaan Huygens en Spinoza waren Jan Zwammerdam en Antonie van Leeuwenhoek ook erg belangrijk. Zij bouwden allebei een van de eerste microscopen.

Toch is misschien Jan Adriaanszoon Leeghwater wel de belangrijkste man van deze eeuw. Hij werd geboren als timmermanszoon. Hij verbeterde de techniek van de poldermolens. Voorheen werden de molens alleen gebruikt om te voorkomen dat land onder water stroomde. Ook konden ze kleine meertjes droogleggen. Dankzij de verbeterde techniek konden ze ook grotere meren droogleggen. Het eerste meer dat Leeghwater droogmaalde was de Beemster. Hierna volgden vele andere meren. Deze waren voornamelijk allemaal in Noord-Holland gelegen. Enkelen hiervan waren Heerhugowaard, de Schermer, Wormer en de Purmer. Ook heeft hij de eerste plannen gemaakt om het Haarlemmermeer droog te leggen. Toch werden deze plannen pas in de 19e eeuw uitgevoerd.

×

U kunt niet meer reageren.