De strijd tussen kerk en staat

Hendrik IV erfde op zesjarige leeftijd het grote Duitse Rijk. Zijn vader, Hendrik III was pas overleden en hij was de oudste zoon. Hendrik III had voor zijn dood afgesproken met de Duitse adel dat zijn zoon inderdaad koning mocht worden. Want dat was toentertijd niet altijd logisch. De kerk was net zo machtig als de koning. Veel edellieden waren in dit tijdvak ook geestelijken. Dit betekende dat zij bij de kerk hoorden. Toen Hendrik IV vier jaar oud was, werd hij door de aartsbisschop van de stad Keulen tot koning gekroond.

Toen Hendrik IV 15 jaar was, mocht hij wettelijk regeren. In het tijdvak van de Middeleeuwen werd je volwassen als je 15 jaar werd. Een jaar later trouwde hij met het meisje waar hij al 10 jaar mee verloofd was: Bertha van Savoye. In de tijd dat Hendrik nog te jong was om koning te worden nam zijn moeder voor hem waar. Zijn moeder werd dus regentes. Maar de kerkelijke macht accepteerde haar heerschappij niet. Hendriks moeder wilde de macht van de kerk namelijk zo klein mogelijk houden. Hendrik en zijn moeder werden vervolgd toen hij 12 jaar oud was. De moeder van Hendrik moest de macht aan de bisschoppen geven. Dit deed ze ook.

Hendrik IV heeft zijn hele leven ruzie gehad met de katholieke kerk. Zijn vader en zijn moeder hadden altijd gestreden tegen de macht van de kerk en Hendrik IV deed precies hetzelfde. Normaal gesproken mocht alleen de paus bisschoppen benoemen. En alleen de paus mocht iemand tot keizer kronen. Hendrik IV vond dat hij belangrijker en machtiger was dan de paus. Hij heeft heel veel bisschoppen benoemd. Die bisschoppen waren trouw aan Hendrik IV. Dit maakte de paus woedend.

In 1073 werd paus Gregorius VII gekozen. Paus Gregorius VII wilde de macht terug krijgen. Hendrik en Gregorius kregen in 1076 openlijke ruzie over de benoeming van de bisschop van Milaan. Het benoemen van een bisschop noemen we investituur. De strijd hierom tussen de paus en de koning noemen we de Investituurstrijd. Deze strijd was erg bepalend voor de geschiedenis van de Middeleeuwen. Gregorius vond dat Hendrik te ver was gegaan en excommuniceerde Hendrik IV. Dit betekende eigenlijk dat hij vogelvrij werd verklaard. Zijn naam en zijn titel waren niets meer waard. Niemand hoefde meer naar deze Hendrik te luisteren.

Hieruit bleek dat de paus in deze periode van de geschiedenis toch nog meer macht had dan de koning. Hendrik moest naar Canossa om zijn spijt te tonen. Hier stond het kasteel van de paus. De paus liet hem drie dagen voor de poort wachten voordat de excommunicatie ongedaan gemaakt werd.

Gregorius en Hendrik hadden desondanks de strijdbijl niet begraven. Gregorius ging op zoek naar een vervanger voor Hendrik. Hij zocht adelen die hem wilden steunen om Hendrik af te zetten als koning. Dit resulteerde in een oorlog. In het jaar 1084 had Hendrik er genoeg van. Hij verdreef de Gregorius uit Rome en benoemde zelf een nieuwe paus. Deze nieuwe paus heeft Hendrik tot keizer gekroond. Zo kwam het dat Hendrik op 34-jarige leeftijd keizer van het Heilige Roomse Rijk werd.

De Investituurstrijd duurde tot 1122. In dit jaar werd het concordaat van Worms opgesteld. Dit was een overeenkomst tussen paus Calixtus II en de zoon van Hendrik IV, Hendrik V. In deze overeenkomst stond dat de keizer geen bisschoppen meer mocht benoemen. Dit was het begin van de scheiding tussen kerk en staat. De bisschoppen waren nu namelijk niet meer vanzelfsprekend ook heerser van een gebied.

×

U kunt niet meer reageren.